Wix Automations: Een automatisering maken
- Stap 1 | Maak een nieuwe automatisering
- Stap 2 | Kies een trigger
- Stap 3 | Voeg stappen toe aan je automatisering
- Stap 4 | Kies een actie
- Stap 5 | (Optioneel) Test je automatisering
- Stap 6 | Activeer de automatisering
Johanna heeft een maandelijkse nieuwsbrief. Ze maakt een inschrijfformulier voor een nieuwsbrief om haar mailinglijst te laten groeien. Ze wil elke abonnee bedanken die zich inschrijft, maar het zou onmogelijk zijn deze e-mails handmatig te versturen. In plaats daarvan stelt ze een automatisering in die automatisch een bedankbericht stuurt telkens wanneer een nieuwe persoon zich abonneert.
Stap 1 | Maak een nieuwe automatisering
Om een nieuwe automatisering te maken:
- Ga naar Automatiseringen op het dashboard van je website.
- Klik rechtsboven op + Automatisering maken.
- Kies hoe je wilt beginnen met het maken van je automatisering:
- Vanaf nul: Klik op Nieuw om met een lege automatiseringstemplate te beginnen.
- Voorgestelde automatisering: Gebruik de categorieën of zoekbalk om de voorgestelde automatisering te vinden die je wilt bewerken. Klik vervolgens naast de automatisering op Instellen.

- Klik op de titel om je automatisering een naam te geven.
Stap 2 | Kies een trigger
Om een trigger te kiezen:
- Kies in het triggerselectiepaneel een trigger uit de beschikbare opties onder de betreffende app.

- Stel de trigger in.
Let op: Op basis van de trigger die je kiest, zie je verschillende instellingen om het configureren van de trigger te voltooien. - (Optioneel) Schakel de Trigger één keer per persoon-schakelaar in om de triggerfrequentie te beperken:
- Selecteer de persoon uit de triggergegevens: Bepaal hoe vaak de automatisering voor dezelfde persoon kan worden getriggerd (bijvoorbeeld: Contact-ID, Contact-ID auteur post, Bezoekers-ID).
Tip: Dit is handig voor triggers die herhaaldelijk kunnen voorkomen. - Trigger één keer per persoon elke: Schakel dit selectievakje in als je een specifieke hoeveelheid tijd wilt instellen die moet verstrijken voordat de automatisering opnieuw voor dezelfde persoon kan worden geactiveerd.
- Selecteer de persoon uit de triggergegevens: Bepaal hoe vaak de automatisering voor dezelfde persoon kan worden getriggerd (bijvoorbeeld: Contact-ID, Contact-ID auteur post, Bezoekers-ID).
Stap 3 | Voeg stappen toe aan je automatisering
- Vertraging: Pauzeer je automatisering tussen stappen door een vertraging toe te voegen. Hiermee kun je een specifieke tijd wachten voordat je doorgaat naar de volgende stap.
Tip: Als je geen vertraging toevoegt, wordt de actie onmiddellijk uitgevoerd. - Voorwaarde: Met voorwaarden kun je complexe automatiseringsstromen maken door criteria te definiëren voor het voortzetten van de stroom. In het 'THEN'-pad gaat de automatiseringsflow alleen verder als aan de voorwaarde is voldaan. Je kunt een ELSE-pad instellen om te bepalen wat er gebeurt als dat niet het geval is.
- Gesplitst: Voeg meerdere paden toe aan je automatisering zodat meerdere acties tegelijkertijd kunnen plaatsvinden.
- Lokale variabele: Maak een placeholder voor informatie die je herhaaldelijk in je automatisering gebruikt. Dit geeft je de flexibiliteit om je gegevens te manipuleren en te hergebruiken in voorwaarden of acties.
- Globaal opslagitem: Maak een dynamische globale waarde die kan worden gelezen en bijgewerkt in al je automatiseringen. Dit geeft je automatiseringen de mogelijkheid om gedeelde informatie te onthouden en bij te werken terwijl ze worden uitgevoerd.
- Je kunt notities toevoegen aan je automatisering om korte uitleg, herinneringen of taken op het canvas achter te laten voor jou en je team. Klik op het Notitie toevoegen-pictogram
en sleep het naar de relevante plaats. - Je kunt deze stappen binnen je automatisering verplaatsen door het Opnieuw ordenen-pictogram
ingedrukt te houden en naar de relevante plaats te slepen. - Nadat je een stap hebt toegevoegd, selecteer je deze om de naam te wijzigen, te dupliceren, over te slaan, te verwijderen of de gegevens te bekijken.
- Je kunt de Ongedaan maken-
of Opnieuw-pijlen
gebruiken om je recente wijzigingen terug te draaien of opnieuw toe te passen.
Stap 4 | Kies een actie
... je indien nodig meerdere acties kunt toevoegen, op elk moment in je stroom.
... je de naam van een actie kunt wijzigen om aan je behoeften te voldoen.
Om een actie te kiezen:
- Klik op het Stap toevoegen-pictogram
. - Klik op Actie.
- Kies een actie in het paneel.
Let op: De beschikbare acties zullen verschillen afhankelijk van je keuze van trigger.

- Stel de actie in met behulp van de beschikbare instellingen. Klik op de relevante actie hieronder om te lezen over het volgende:
Stap 5 | (Optioneel) Test je automatisering
Voordat je je automatisering activeert, kun je een test uitvoeren om te controleren of je trigger, acties en toegewezen waarden werken zoals bedoeld. De test slaat vertragingen over, zodat je de resultaten meteen kunt zien.
Deze functie is alleen beschikbaar voor automatiseringen met ten minste één actie en geen configuratiefouten.
Testruns sturen echte e-mails en meldingen naar de ontvangers die in je automatisering zijn geconfigureerd. Om een actie te controleren met testontvangers, moet je de ontvangers in de actie zelf wijzigen.
Test-e-mails en -meldingen tellen mee voor de quota van je website, worden op je live website uitgevoerd en kunnen echte gegevens maken of bijwerken.
Om je automatisering te testen:
Klik bovenaan de automatiseringsmaker op Testen.
(Optioneel) Voer de voorbeeldtriggergegevens in in het Testautomatisering-paneel.
Let op: Velden worden gegenereerd op basis van je trigger en kunnen vooraf zijn ingevuld met voorbeeldwaarden.
Klik onderaan het paneel op Test uitvoeren.
Lees de bevestiging en klik op Test uitvoeren.
Bekijk je resultaten op het nieuwe tabblad dat wordt geopend met je testautomatiseringsstroom.
Let op: Testresultaten verschijnen niet in het uitvoeringslogboek van je automatisering en zijn alleen beschikbaar op het tabblad dat na de test wordt geopend.

Stap 6 | Activeer de automatisering













